Work work work work work: waarom het soms ook wel eens tof is

Werken: de meeste mensen moeten het doen. Je wordt er niet altijd blij van, heel rijk doorgaans ook niet, het vreet vaak energie en kan je soms bakken stress en frustratie opleveren. En toch. Toch zou ik geen student meer willen zijn. Of huisvrouw worden. Ik heb niet elke job graag gedaan en ook nu is het niet altijd rozengeur en maneschijn, maar toch verkies ik een fulltime buitenshuis werkend leven. Evi schreef er vroeger al eens over en dat inspireerde mij om er enige tijd geleden in de spirit van 40 Dagen Bloggen zelf ook een gastblog over te schrijven. Die ik bij deze gewoon schaamteloos copy ende paste bij wijze van free lazy content want AZO BEN IK ZEKERST WEL BEJA GIJ. 

Waarom ik werken (meestal) leuk vind of toch vanaf een uur of 10 als ik eenmaal koffie heb gehad en ben uitgezaagd over de files en het weer:

1. Het heeft een tijdje geduurd voordat ik wist wat ik wilde

Ik heb diploma’s literatuurwetenschap, sociologie en criminologie. Alles gekozen vanuit mijn buikgevoel, puur op interesse. Na zes jaar moest ik de arbeidsmarkt op en had ik geen flauw idee wat ik daar allemaal precies mee kon doen, laat staan wat ik echt wilde. Zo rolde ik enkele jobs in die soort-van-een-beetje-ergens met criminologie te maken hadden, o.a. bij ING en op het stadhuis van Amsterdam. Maar dat was het allemaal toch niet.

Dus nam ik prompt ontslag en ging lukraak solliciteren op een vacature bij een digitaal reclamebureau. En dat bleek helemaal de richting te zijn waar ik me goed bij voel. Inmiddels zijn we enkele jaren verder en heb ik me opgewerkt van uitvoerend copywriter tot allround creative die volledige campagnes bedenkt op alle tv-, radio-, online, kranten- en tijdschriftmerken van Medialaan/De Persgroep. Ik ben nog elke dag blij dat het zo is gelopen: dat ik op het juiste moment ben weggegaan en zo volslagen random op de juiste plek ben terechtgekomen. Er zijn tenslotte genoeg mensen die zelfs na tien jaar nog niet weten wat ze willen of waar ze horen, dus ik kus daar al eens graag mijn beide pollekes voor.

2. Het sociaal contact met collega’s

Ik zou nooit als freelancer kunnen werken zonder vast team of kantoor. Ik hou van het dagelijkse contact met collega’s, de roddels bij de lunch, het kwartiertje over het weer zagen bij het koffieapparaat op maandagochtend, de borrels op vrijdagnamiddag. Ik vind het tof om te brainstormen en te sparren met anderen. Af en toe is fijn (wekelijkse thuiswerkdag for the win!), maar het lijkt mij persoonlijk echt beyond boring om elke dag in m’n eentje thuis te zitten werken.

3. Ik kan enorm veel voldoening uit mijn werk halen

Als ik een belachelijk goed in elkaar stekend format heb bedacht, een briljant stukje copy heb geschreven, of een waanzinnig origineel en-nog-eens-compleet-bij-de-briefing-passende campagne heb gemaakt, dan kan ik echt op wolkjes lopen. De hele dag. Tot het einde van de week, zelfs. En ja, ik heb ook al eens vier weken na datum nog totaal ongevraagd mijn spectaculaire tagline lopen verkondigen op een feestje in familiale kring. Ik kan echt enorm blij met mezelf zijn door mijn werk. Willekeurige familiefeestgangers soms minder.

(Op zich is blij met mijn eigen werk zijn ook wel nodig, gezien het leven als creative in de reclamewereld betekent dat je de helft van je werktijd doorbrengt in reviews waarin alles, iedereen en zijn moeder binnen het bedrijf vrijuit kritiek geeft op alles waar je je hart en ziel in hebt gestoken. Moet je tegen kunnen, maar het helpt dus wel als je in ieder geval jezélf al blij kan maken met wat je maakt.)

4. Ik leer zo debiel veel bij over zo debiel veel dingen

Ik weet hoe je witwasconstructies kan spotten op een bankrekening en waarom schroothandelaren en souvenirshops een verhoogd risico hebben op fraude. Ik snap hoe beleidsvorming op gemeentelijk niveau plaatsvindt in Amsterdam. Ik heb met m’n eigen ogen gezien hoe politieagenten in een nepwinkelstraat getraind worden om verdachte situaties aan te pakken. Ik weet hoe adverteerders je online volgen en bepalen wat je wel en niet te zien krijgt en waarom. Ik snap hoe een tijdschrift gemaakt wordt. Elke job die ik ooit heb gehad, heeft me waanzinnig veel geleerd. Elke dag zie ik wel iets nieuws. Werken is daarom echt een verrijking voor mijn brein.

(Gisteren, bijvoorbeeld, ontdekte ik dat wanneer Stef Wauters in het VTM Nieuws zegt dat ze live overschakelen naar Faroek op de set van zijn programma, die eigenlijk 5 meter verderop in een andere hoek van de studio staat. #wistjedatje #allesiseenleugen)

5. Mijn werk maakt deel uit van mijn identiteit

Ik beken: ik ben een van die mensen die, op de vraag om zichzelf eens voor te stellen, steevast hun werk aanhalen. Voor mij ís mijn werk ook gewoon een deel van wie ik ben. Omdat wat ik doe nu eenmaal heel goed past bij mij, denk ik. Omdat ik dingen maak waar ik trots op ben. Omdat ik een ambitieus beestje ben. Ik stel ook erg hoge eisen aan mijn werkplek: als ik me er niet 100% goed voel en merk dat mijn werk ertoe doet, dan word ik ongelukkig. En dan houd ik het er niet lang vol. Ik kan niet zo makkelijk die knop in m’n hoofd omzetten en gewoon ergens blijven werken voor de zekerheid/het geld/het gemak/de toffe mensen.

Veel mensen die ik ken doen dat wel. They suck it up. Maar ik kan dat niet. Ik trek het mij te veel aan. Dan ga ik liever weg, op zoek naar iets beters. Ben ik daarom een verwende millennial? Misschien. Maakt dat van mij een enthousiaste en gemotiveerde werknemer, als ik wél ergens beland waar het goed zit? Ge moogt, Studio Tarara-gewijs, gerust zijn. Plus: het maakt mij een gelukkig mens. Ook best wel wat waard.

6. Ik mag creatief zijn for a living

Ik werk op een afdeling met pingpongtafels en urban jungle brainstormruimtes om creatieve dingen in te bedenken. Ik word letterlijk betaald om regelmatig absurde dingen te roepen naar een whiteboard. Of om absurde stunts te bedenken die Bekende Vlamingen vervolgens moeten doen voor adverteerders. Is leuk.

7. Ik krijg de kans om dingen te maken die out there in the world zijn

En die niet zomaar in een la verdwijnen nadat ze door een handvol mensen zijn bekeken. Reclame is ook vluchtig, natuurlijk, maar hoe beter je ‘m maakt, hoe meer het onderdeel wordt van het collectieve geheugen. En dat is het doel. Gelukkig maak ik ook geen doorgespoelde tv-spotjes, maar native campagnes die onderdeel zijn van redactionele formats in tijdschriften en tv-programma’s. De ondergoedkalender van de broertjes Coppens i.s.m. HEMA? Daar mag je mijn team voor bedanken.

8. Ik leer mezelf beter kennen

Je komt jezelf pas echt keihard tegen als je eenmaal fulltime werkt en niks meer voor jou wordt gedaan. Je leert je eigen grenzen trekken en voor jezelf opkomen, maar ook verantwoordelijkheid opnemen en fouten toegeven. Ik vond het heel interessant om te merken wat mijn plaats in een groep is, bijvoorbeeld, en hoe ik simpelweg door mezelf te zijn zowel positieve als negatieve invloed kan hebben op mijn team.

9. Ik kan me elke dag uitleven met mijn outfits

Ik vind het oprecht leuk om elke dag te kunnen bedenken wat ik zal aantrekken. En ja, je maakt je mooi voor jezelf en blablabla, maar face it: elke dag op je mooiste hakken thuis zitten is niet hetzelfde. Ik show mijn mooiste hakken graag.

10. Ik verdien geld

Daar moeten we niet over zeveren: ook belangrijk. Ik heb altijd al geweten dat ik een aardig stukske kan fantaseren en schrijven en heb er tijdens mijn studietijd ook vaak geld mee verdiend als freelancer, maar toch had ik nooit verwacht dat het ooit mijn fulltime inkomstenbron zou worden. Het is alleen maar fijn als wat je graag doet dan ook nog eens zuurverdiende centjes oplevert die je kan gebruiken voor wat je zélf wil.

2 thoughts on “Work work work work work: waarom het soms ook wel eens tof is

Geef een reactie